Steeds meer mensen drogen hun was volgens de Japanse methode: geen wonder, want zo droogt kleding twee keer zo snel
Stories

Steeds meer mensen drogen hun was volgens de Japanse methode: geen wonder, want zo droogt kleding twee keer zo snel

Controleer daarom welk centrifugeertoerental geschikt is voor de kleding die je wast. Gebruik, wanneer het waslabel en de instructies van de fabrikant dat toelaten, een hoger toerental om meer water uit de kleding te verwijderen.

Niet alle stoffen kunnen tegen hetzelfde toerental. Fijne materialen, delicate kledingstukken en sommige wollen artikelen kunnen een voorzichtiger programma nodig hebben.


Het is dus niet de bedoeling om altijd zonder onderscheid het hoogste toerental te gebruiken. Kies het hoogste geschikte toerental voor de betreffende was.

Wanneer het programma klaar is, kun je de kledingstukken bovendien even uitschudden voordat je ze ophangt. Daarmee haal je opgehoopte plooien en samengevouwen delen uit elkaar, zodat de stof beter kan worden verdeeld over het droogrek.

Hang T-shirts recht op, spreid handdoeken zo veel mogelijk uit en voorkom dat broekspijpen volledig tegen elkaar aan liggen.

Door het centrifugeren, het uitschudden en het slim ophangen te combineren, kun je de droogtijd vaak aanzienlijk verkorten.


Drie belangrijke regels om schimmel en muffe geuren te voorkomen

Sneller drogen is prettig, maar het is minstens zo belangrijk om te voorkomen dat er te veel vocht in huis blijft hangen. Een langdurig hoge luchtvochtigheid kan namelijk bijdragen aan condensatie en schimmelvorming, vooral op koude muren, in hoeken en achter meubels.

Met deze drie aandachtspunten kun je de kans op problemen verkleinen.

1. Prop het droogrek niet te vol


Wanneer je veel was hebt, is het verleidelijk om elk beschikbaar plekje op het droogrek te benutten. Toch is dat niet altijd de beste aanpak.

Als de kledingstukken dicht tegen elkaar aan hangen, kan de lucht minder goed tussen de stoffen bewegen. Daardoor blijven sommige delen langer vochtig en kan het drogen ongelijkmatig verlopen.

Probeer daarom altijd een zichtbare ruimte tussen de kledingstukken te laten. Een T-shirt mag naast een ander T-shirt hangen, maar beide stukken moeten voldoende ruimte hebben om vrij te hangen en vocht af te geven.

Hang kleine kledingstukken niet allemaal op één plek en voorkom dat grote handdoeken de rest van het droogrek volledig afschermen.


Wanneer je merkt dat je wasrek structureel te klein is voor de hoeveelheid was die je dagelijks doet, kan het praktischer zijn om een tweede droogrek te gebruiken. Je kunt de kleding ook in meerdere groepen ophangen, zodat de lucht beter kan circuleren.

Het kan even duren voordat je een goede indeling hebt gevonden, maar zodra je weet hoeveel ruimte verschillende kledingstukken nodig hebben, wordt het ophangen van de was een stuk eenvoudiger.

2. Geef dikke stoffen extra ruimte

Niet alle kledingstukken drogen even snel. Dunne T-shirts, lichte blouses en kleine ondergoedstukken verliezen doorgaans gemakkelijker vocht dan dikke handdoeken, spijkerbroeken en zware truien.


Juist daarom verdienen dikkere stoffen extra aandacht.

Hang een grote handdoek zo breed mogelijk uit, zodat er lucht langs beide kanten kan bewegen. Zorg ervoor dat een spijkerbroek niet volledig dubbelgevouwen blijft hangen en dat dikke truien niet meerdere lagen stof op elkaar vormen.

Sommige kledingstukken kunnen beter op een andere manier worden gedroogd. Een wollen trui kan bijvoorbeeld zijn vorm behouden wanneer je deze volgens het waslabel plat laat drogen in plaats van hem nat aan een hanger te hangen.

Controleer ook de naden, zakken en dikkere delen van kleding. Deze kunnen langer vochtig blijven dan de rest van de stof.


Wanneer je kleding na meerdere uren nog nat aanvoelt, probeer dan niet simpelweg meer kleding op hetzelfde rek te hangen. Geef de natste stukken juist extra ruimte of verplaats ze naar een plek waar de lucht beter kan circuleren.

3. Let op de luchtvochtigheid in huis

Wanneer je regelmatig binnenshuis droogt, is het verstandig om aandacht te besteden aan de luchtvochtigheid.

Een woning kan er op het eerste gezicht droog uitzien terwijl de lucht toch veel vocht bevat. Beslagen ramen, een muffe geur of vochtige plekken op muren kunnen aanwijzingen zijn dat er onvoldoende vocht wordt afgevoerd.


Plaats het droogrek daarom niet direct tegen een koude buitenmuur. Wanneer warme, vochtige binnenlucht in contact komt met een koud oppervlak, kan condensatie ontstaan. Dat is vooral een aandachtspunt in slecht geventileerde ruimtes.

Een eenvoudige hygrometer kan helpen om de relatieve luchtvochtigheid in huis te volgen. Zo kun je beter beoordelen of extra ventilatie nodig is.

Klik hieronder op de knop Verder lezen om door te lezen.

Verder lezen
Pagina 4 van 5

Reacties (0)

Alleen tekst — links en telefoonnummers zijn niet toegestaan.

Reactie plaatsen